Folia Veterinaria

Accidentele injectie met een vaccin met minerale oliën, een ernstig risico voor dierenartsen en verzorgers

datum publicatie: 29-10-2019
Indicatie
vaccinatie
Topics
Farmacovigilantie
Vaccinatie

In het Verenigd Koninkrijk werden bij de spoeddiensten recent meer gevallen opgemerkt van personen met zeer ernstige ontstekingsreacties aan de handen of vingers als een gevolg van een accidentele injectie met diergeneeskundige vaccins die een minerale olie bevatten. De risico’s van dergelijke accidentele injecties zijn voldoende bekend en in de productinformatie van deze diergeneesmiddelen zijn dan ook duidelijke waarschuwingen hierover opgenomen.
Zonder in te gaan in welke mate dit soort letsels zich ook bij ons voordoet, geeft dit artikel een overzicht van deze pathologie die voor de patiënt mogelijks erge gevolgen kan hebben indien dit soort van wonden niet met de nodige ernst en spoed behandeld worden en herhaalt het enkele fundamentele voorzorgsmaatregelen om prikaccidenten te voorkomen. De verwonding van personen tijdens een vaccinatie of injectie moet in het kader van de farmacovigilantie steeds gemeld worden als een ernstige bijwerking van het gebruik van het vaccin of diergeneesmiddel.

Sommige injecteerbare vaccins bevatten een minerale olie als adjuvans(1) om de klinische werkzaamheid van het vaccin te verbeteren (EMA, 2018). Deze adjuvantia komen vooral, maar niet uitsluitend, voor in vaccins voor nutsdieren (BCFI-CBIP, 2019). Of en welk adjuvans toegevoegd is aan het vaccin kan opgezocht worden in de rubriek “2 Kwalitatieve en kwantitatieve samenstelling” die in de bijsluiter of SKP(2) van het vaccin is opgenomen. Minerale oliën zijn afgeleid van aardoliedestillatie en deze adjuvantia worden in de productinformatie vermeld als: minerale olie of olie, paraffine, vloeibare paraffine of paraffineolie. Soms wordt hun commerciële benaming vermeld b.v. Amphigen Base, Drakeol, Montanide (BCFI-CBIP, 2019).

Accidentele injecties van personen met vaccins met een minerale olie als adjuvans zijn ongeacht het geïnjecteerde volume, een bijzonder risico bij het vaccineren van nutsdieren of gezelschapsdieren en kunnen tot ernstige letsels leiden (EMA, 2007).

Dierenartsen, verzorgers of andere personen kunnen voor, tijdens of na de injectie van een dier, het slachtoffer worden van een prikaccident waarbij de naald de huid van de persoon doorboort en er eventueel een deel van de injectievloeistof in de wonde geïnjecteerd wordt (Burke, 2017). Volgens schattingen zou dit soort incidenten voorkomen in 1/1000 vaccinaties en hierbij zou vooral de hand getroffen worden (O'Neill et al., 2005).  

De minerale olie in het vaccin irriteert het weefsel en kan ter hoogte van de injectieplaats leiden tot het ontstaan van een chronische granulomateuze ontsteking van de zachte weefsels en steriele abcessen veroorzaken met ernstige weefselschade, langdurige pijn en functieverlies tot gevolg (Jones, 1996) (O'Neill et al., 2005) (Kennedy et al., 2008) (Fowler et al., 2016) (Burke, 2017).

Voor de behandeling van deze letsels zijn vaak chirurgische interventies nodig. Het onderschatten van de ernst van zulke letsels en het uitstellen van een behandeling kan in ernstige gevallen leiden tot amputatie van een vinger (O'Neill et al., 2005), (Buswell et al., 2016), (Robertson et al., 2016), (Burke, 2017).

Ongeacht de geïnjecteerde hoeveelheid moeten alle injectieongelukken met vaccins met een olieadjuvans met de nodige spoed door een arts onderzocht en behandeld worden. Indien het letsel gepaard gaat met zwelling en pijn dient de patiënt onmiddellijk doorverwezen te worden naar een chirurgisch specialist (Burke, 2017), (EMA, 2018). Zie ook Kader 1.

Het merendeel van de accidentele injecties gebeurt door het incorrect manipuleren van naalden, b.v. door na gebruik de beschermkap op de naald te plaatsen of door het niet veilig weggooien van de naald (Weese et al., 2008), (Burke, 2017).

Aangezien injectieongelukken niet alleen een beroepsrisico vormen voor dierenartsen of dierenverzorgers maar een risico zijn voor alle personen die met gebruikte naalden in contact kunnen komen, dienen alle medewerkers aangemoedigd te worden om dergelijke ongelukken te voorkomen door het in acht nemen van onderstaande voorzorgsmaatregelen.

Maatregelen om accidentele injecties van personen te vermijden*

  • Voorzie indien mogelijk een lichte en ruime plaats in een rustige omgeving om het dier te injecteren
  • Immobiliseer het dier,
    geef de eigenaar die hierbij helpt duidelijke aanwijzingen hoe dit veilig kan en wijs hem/haar op mogelijke risico’s
  • Trek de spuit ter plaatse op en injecteer meteen
  • Hou naalden en spuiten nooit in de mond of loop nooit rond met onbeschermde naalden
  • Verwijder na injectie de naald in een daarvoor bestemde container,
    gebruik geen containers die hiervoor niet bestemd zijn
  • Vermijd om opnieuw de plastiek beschermkap op de naald te plaatsen,
    indien dit toch nodig zou zijn doe dit dan zonder de beschermkap vast te houden maar laat deze op een oppervlak liggen en ‘schep’ de beschermkap op de naald (de zgn. “one-handed scoop method”) of gebruik een tang of ander voorwerp om de beschermkaap veilig vast te houden (Weese et al., 2008)
  • Voorzie voldoende containers op plaatsen waar dieren behandeld worden en vervang deze tijdig vooraleer ze vol zijn
  • Steek nooit (gebruikte) naalden in kledingzakken

*Gebaseerd op (BCFI-CBIP, Het was maar een prikje, of niet?, 2005) (Weese et al., 2008), (Burke, 2017).

Maatregelen indien een persoon het slachtoffer werd van een accidentele injectie of zelfinjectie**

  • Zoek onmiddellijk medisch advies, zelfs als er maar een zeer kleine hoeveelheid wordt geïnjecteerd en neem de bijsluiter mee
  • Als de pijn na medisch onderzoek langer dan 12 uur aanhoudt, zoek dan opnieuw medisch advies
  • Deskundige en snelle chirurgische tussenkomst is soms vereist. Een vroege incisie en irrigatie van het geïnjecteerde gebied kan noodzakelijk zijn, vooral wanneer het letsel zich situeert ter hoogte van de vingertop of pezen.

**Gebaseerd op de Guideline on user safety for immunological veterinary medicinal products (EMA, 2007) en (Burke, 2017).

Accidentele (zelf)injecties van personen met diergeneesmiddelen kunnen gemeld worden in het kader van de farmacovigilantie via het online PharmVig-formulier .

 

Kader 1: Om dierenartsen te wijzen op de ernst van accidentele injecties met vaccins met een olieadjuvans worden in de productinformatie van deze vaccins speciale voorzorgsmaatregelen voor de persoon die het vaccin aan de dieren toedient, opgenomen (rubriek 4.5 van de SKP).

De tekst zoals aanbevolen in EMA Guideline on user safety for immunological veterinary medicinal products (EMA, Guideline on user safety for immunological veterinary medicinal products, 2007):

Speciale voorzorgsmaatregelen te nemen door de persoon die het diergeneesmiddel aan de dieren toedient
Voor de persoon die het diergeneesmiddel toedient: Dit diergeneesmiddel bevat minerale olie. Accidentele (zelf)injectie kan ernstige pijn en zwelling tot gevolg hebben, vooral in geval van injectie in een gewricht of vinger. Zonder snel medisch ingrijpen kan dit in zeldzame gevallen leiden tot verlies van de betrokken vinger. Raadpleeg in geval van accidentele injectie onmiddellijk een arts, zelfs wanneer de geïnjecteerde hoeveelheid miniem is. Zorg ervoor dat u de bijsluiter bij u heeft. Consulteer opnieuw een arts, als de pijn meer dan 12 uur na het eerste medisch onderzoek aanhoudt.

Voor de arts:
Dit diergeneesmiddel bevat minerale olie. Accidentele injectie, zelfs met kleine hoeveelheden, kan hevige zwelling veroorzaken die bijvoorbeeld kan leiden tot ischemische necrose en zelfs tot verlies van een vinger. Onderzoek door een deskundig chirurg is met SPOED vereist. Het kan nodig zijn een vroege incisie te maken in het geïnjecteerde gebied en dit te irrigeren, met name wanneer de weke massa van de vinger of pezen aangetast zijn.

Soms is echter een minder duidelijke waarschuwing opgenomen:

Speciale voorzorgsmaatregelen, te nemen door degene die het geneesmiddel aan de dieren toedient
In geval van accidentele zelfinjectie dient onmiddellijk een arts te worden geraadpleegd en hem de bijsluiter of het etiket te worden getoond.

 

(1) Een adjuvans in een vaccin zal de immuunrespons op de agentia in het vaccin versterken en/of moduleren en de klinische werkzaamheid van het vaccin verbeteren. Hierdoor kan bijvoorbeeld de immunogeniteit van de agentia verhogen, waardoor minder agentia vereist zijn voor succesvolle immunisatie of kan de geïnduceerde beschermende immuunrespons wijzigen, b.v. verlenging van de immuniteitsduur, waardoor booster-vaccinaties niet meer vereist zijn of het interval tussen vaccinaties verlengd wordt. Adjuvantia kunnen ook worden gebruikt om een gewenste immuunrespons te optimaliseren, b.v. met betrekking tot immunoglobulineklassen en/of inductie van cytotoxische of 42 helper T-lymfocytreacties. CITATION EMA18 \l 2067 (EMA, 2018).

(2) SKP: Samenvatting van de Kenmerken van het Product


Bibliografie

  • BCFI-CBIP (2019). Vetcompendium - Répertoire Commenté des Médicaments à Usage Vétérinaire.
  • Burke (2017). Needlestick and inoculation injuries in veterinary and animal workers. In Practice, 39: 138-41.
  • Buswell et al. (2016). Needlestick Injuries in Agriculture Workers and Prevention Programs. J Agromedicine, 82-90.
  • EMA (2007). Guideline on user safety for immunological veterinary medicinal products. EMEA/CVMP/IWP/54533/2006.
  • EMA (2018). Guideline on the use of adjuvanted veterinary vaccines. Opgehaald van https://www.ema.europa.eu/en/documents/scientific-guideline/draft-guideline-use-adjuvanted-veterinary-vaccines_en.pdf
  • Fowler et al. (2016). Survey of occupational hazards in Minnesota veterinary practices in 2012. J Am Vet Med Assoc., Jan 15;248(2):207-18.
  • Jones (1996). Accidental self inoculation with oil based veterinary vaccines. N Z Med J, 109: 363-5.
  • Kennedy et al. (2008). Chronic soft tissue inflammation following accidental inoculation with a sheep vaccine. Pathology, 40: 711-3.
  • O'Neil et al.(2005). The effects of injection of bovine vaccine into a human digit: a case report. Environ Health. 2005 Oct 11;4:21, Oct 11;4:21.
  • Robertson et al. (2016). Sharps and high-pressure injection injuries in veterinary and animal workers. Eur J Emerg Med., 23(1):8-11. .
  • Weese et al. (2008). Needlestick injuries in veterinary medicine. Can Vet J, 49:780–784.