Pijn heeft niet alleen een negatieve invloed op het welzijn van het dier maar kan ook het centraal zenuwstelsel veranderen (centrale sensibilisatie) wat leidt tot pijnovergevoeligheid en hyperexciteerbaarheid (zie hiervoor ook “Analgesie in de diergeneeskunde” in de Folia Veterinaria - 2013). De voorbije decennia groeide in de diergeneeskunde het bewustzijn rond deze schadelijke gevolgen van pijn bij het dier en rond de noodzaak om pijn steeds op een adequate manier te behandelen.
Dit artikel geeft een kort overzicht van de recent verschenen richtlijnen voor de behandeling van acute pijn bij de kat (1). Een panel van deskundigen en de International Society of Feline Medicine (ISFM) stelden op basis van de beschikbare literatuur en de expertise van de auteurs deze richtlijnen bij consensus op. Ze kunnen dierenartsen helpen bij de beoordeling, preventie en behandeling van acute pijn bij katten.
Het niet opmerken van pijn is een belangrijke oorzaak waarom pijn niet behandeld wordt.
Pijnbeoordeling moet niet enkel voldoende frequent worden uitgevoerd bij gehospitaliseerde katten bv. na een operatie, maar zou ook bij elk klinisch onderzoek routinematig moeten worden uitgevoerd.
De komst van gevalideerde pijnbeoordelingsschalen stelt dierenartsen en dierenverzorgers in staat om acute pijn bij katten beter te herkennen en om de intensiteit ervan te beoordelen. Deze schalen zijn diersoortspecifiek en zijn gebaseerd op het toekennen van een score aan de gezichtsuitdrukkingen, lichaamshouding of het gedrag van katten. Ligt de score boven een bepaalde drempelwaarde dan wordt de toediening van analgetica nodig geacht.
Er zijn momenteel 3 gevalideerde pijnschalen voor de kat beschikbaar: de Glasgow composite measure pain scale-feline, de UNESP-Botucatu multi dimensional feline pain assessment scale short form en de Feline Grimace Scale.
De auteurs pleiten voor de implementatie van gevalideerde pijnbeoordelingsschalen in de praktijk en verwijzen zelfs naar een informatiegids voor eigenaars voor het herkennen van acute pijn bij hun kat (deze Engelstalige gids kan hier gedownload worden).
De richtlijnen benadrukken het nut van een preventieve en multimodale aanpak van acute pijn.
Preventieve analgesie verwijst naar alle soorten perioperatieve technieken en inspanningen om postoperatieve pijn te verminderen. Analgetica moeten in de perioperatieve periode worden toegediend wanneer en zolang analgesie nodig is. Vaak betekent dit dat eigenaars de pijnbehandeling van hun kat thuis zullen moeten verderzetten.
Multimodale analgesie is de toediening van twee of meer analgetica met verschillende werkingsmechanismen. Zulke combinaties kunnen een synergetisch effect hebben. Hierdoor kunnen de dosissen van de verschillende analgetica verlaagd worden wat het risico op bijwerkingen vermindert. Multimodale analgesie kan ook niet-farmacologische technieken omvatten zoals de toepassing van koeling/koudetherapie of het aanbieden van een comfortabele ligplaats.
Belangrijk is dat de verschillende niet-farmacologische en farmacologische therapieën gecombineerd worden volgens de noden van de patiënt (zie hiervoor “Analgesie in de diergeneeskunde” in de Folia Veterinaria - 2013). Factoren zoals de duur, intensiteit en de aard van de pijn (visceraal, somatisch, neurologisch, oncologisch,…), de farmacotherapeutische eigenschappen van verschillende analgetica met inbegrip van hun metabolisatie en eliminatie bij katten, de mogelijke invloed van de leeftijd of van comorbiditeiten (chronische nierziekte!), de vorm en toedieningsweg van de analgetica (bv. technieken voor lokale en regionale anesthesie met verwijzing naar online beschikbaar beeldmateriaal) en de verschillende opties voor niet-farmacotherapeutische behandelingen zijn bepalend voor de samenstelling van een pijnbeheersplan (pain management plan) voor een individuele patiënt en worden in deze richtlijnen uitgebreid besproken.
De farmacologische behandeling van pijn is in de eerste plaats gebaseerd op het gebruik van opioïden, NSAID’s en lokale anesthetica. Naast deze typische analgetica kunnen bv. ook ketamine, methadon of alfa-2-agonisten als zgn. adjuvant analgetica deel uitmaken van het pijnbeheersplan.
Tot slot vermelden deze richtlijnen de lacunes in onze kennis omtrent analgesie bij katten met name over opioïde vrije of opioïde sparende technieken, over analgesie bij jonge dieren of over de werkzaamheid en bijwerkingen van lokale anesthetica bij lokale en regionale anesthesie.
Opmerking van het BCFI
Sommige van de geneesmiddelen die in deze richtlijnen worden vermeld, zijn niet in België beschikbaar voor katten (bv. gabapentine, metamizol). Deze geneesmiddelen kunnen door de dierenarts enkel worden gebruikt volgens de voorschriften van de cascade (Europese Verordening 2019/6/EU art. 112).
Referenties
1 - Steagall PV, Robertson S, Simon B, Warne LN, Shilo-Benjamini Y, Taylor S. 2022 ISFM Consensus Guidelines on the Management of Acute Pain in Cats. J Feline Med Surg. 2022 Jan;24(1):4-30. doi: 10.1177/1098612X211066268. PMID: 34937455. (Je kan het artikel hieronder downloaden)