De beslissing om de voortplanting van huisdieren tijdelijk of permanent te verhinderen, wordt in overleg met de eigenaar gemaakt, waarbij rekening wordt gehouden met de wettelijke voorschriften voor katten*, de wensen van de eigenaar en de impact op de gezondheid voor het dier.
De richtlijn voor de voortplantingscontrole bij honden en katten, opgesteld door de World Small Animal Veterinary Association (WSAVA), helpt dierenartsen in overleg met de eigenaars een wetenschappelijk onderbouwde keuze te maken. Deze richtlijn is ontwikkeld door experts in reproductie, gebaseerd op wetenschappelijke literatuur en praktijkervaring.
Bekijk de richtlijn hier.
Deze algemene richtlijn die zich niet specifiek richt tot één land of regio, bespreekt op basis van de huidige wetenschappelijke kennis, zeer uitgebreid de verschillende chirurgische en farmacologische methoden voor de voortplantingscontrole bij honden en katten, hun voor- en nadelen en hun invloed op de gezondheid en het gedrag van het dier en vergelijkt deze met de voor- en nadelen om geen voortplantingscontrole toe te passen.
Onderstaande figuur (Figuur 1) geeft een zeer beknopt overzicht van de verschillende mogelijkheden met enkele van hun belangrijkste voor- en nadelen. Voor de medicamenteuze voortplantingscontrole worden in deze figuur enkel de 2 hormonale diergeneesmiddelen die in België beschikbaar zijn vermeld, nl. desloreline (als implantaat voor honden en katten) en megestrolacetaat (als tablet voor katten).

Figuur 1: Overzicht van de verschillende mogelijkheden van reproductiecontrole bij honden en katten met enkele van hun belangrijkste voor- en nadelen. De medicamenteuze mogelijkheden zijn beperkt tot deze die in België beschikbaar zijn.
*In België moeten alle katten gecastreerd of gesteriliseerd worden voor de leeftijd van 5 maanden (Vlaanderen) of 6 maanden (Brussel en Wallonië). Geïmporteerde, oudere katten moeten binnen de 30 dagen gecastreerd of gesteriliseerd worden. Uitzondering hierop zijn fokkatten van erkende fokkers (meer info Vlaanderen – meer info Brussel – meer info Wallonië).
Enkele belangrijke besluiten uit deze richtlijn
- Tenzij wettelijke verplicht, hoeft gonadectomie (verwijderen van testes of ovaria) al of niet in combinatie met een hysterectomie, niet bij gezonde dieren maar intacte dieren moeten wel gemonitord worden op het ontwikkelen van geslachtshormoon-gerelateerde aandoeningen.
- Gonadectomie van gezonde teefjes wordt best uitgevoerd na de 1ste of 2de loopsheid. Op dat moment wegen de voordelen het meest op tegen de nadelen van een gonadectomie.
- Gezonde Europese korthaar katten (of katten van vergelijkbare grootte) kunnen vanaf 3-4 maanden gecastreerd worden zonder negatieve effecten op de gezondheid, levensverwachting of gedrag.
- Gonadectomie bij prepuberale katten leidt tot een vertraagde sluiting van de groeischijven en verhoogt het risico op fracturen.
- In hoeverre bij katten bepaalde tumoren vaker voorkomen na gonadectomie wordt onderzocht.
- Gonadectomie leidt bij katten vaak tot obesitas en diabetes mellitus, aandoeningen die door voldoende beweging en een aangepast dieet voorkomen moeten worden.
- De voor- en nadelen van gonadectomie zijn verschillend voor honden en katten en voor mannelijke en vrouwelijke dieren. Voor honden zijn er verschillen tussen verschillende rassen of groottes. In hoeverre de effecten van langdurige GnRH-agonisten verschillen met deze van een permanente gonadectomie, dient onderzocht te worden.
- Soms is gonadectomie klinisch geïndiceerd. Bijvoorbeeld voor de behandeling van bepaalde tumoren of van goedaardige prostaathyperplasie en prostatitis of voor de remissie van vaginale prolaps of bij een heel beperkt aantal gedragsstoornissen zoals schijndracht en maternale agressie. Andere gedragsprobleem moeten volgens de richtlijn in eerste plaats geanalyseerd worden door een gedragsdeskundige. Indien gonadectomie daarna nog overwogen wordt, is een test met het deslorelininplant aanbevolen. Langdurige behandeling met desloreline kan volgens deze richtlijn trouwens ook bij andere indicaties zoals hierboven enkele vermeld zijn, een alternatief zijn voor gonadectomie.
Hoe kwam deze richtlijn tot stand?
WSAVA opteerde om deze richtlijn te publiceren als een narratieve review. Er werd dus niet gekozen voor de robuuste methodologie van een systematische review of voor een formele, gestructureerde aanpak om op basis van het Delphi-proces, te komen tot consensusaanbevelingen (Eng: consensus statement).
Ondanks de waardevolle inspanning waarmee deze richtlijn tot stand gekomen is, belemmert de gevolgde methodologie van een narratieve review de transparantie en de verificatie van de geldigheid van de wetenschappelijke bewijzen.
De auteurs van deze richtlijn verklaren dat ze geen financiële of persoonlijke relatie hebben met andere personen of organisaties die de inhoud van deze richtlijn ongepast zou kunnen hebben beïnvloed.
Bron
- Romagnoli S, Krekeler N, de Cramer K, Kutzler M, McCarthy R, Schaefer-Somi S. WSAVA guidelines for the control of reproduction in dogs and cats. J Small Anim Pract. 2024 May 28. doi: 10.1111/jsap.13724. Epub ahead of print. PMID: 38804079.