Farmacotherapeutische info

Janus-kinase inhibitoren

UPDATED
datum meest recente update: 16-10-2025
Groep
Immunomodulatoren bij atopische dermatitis
Indicatie
allergische dermatitis
atopische dermatitis
Actief bestanddeel
atinvicitinib
oclacitinib
ilunocitinib
Indicatie

Bij honden:
- behandeling van pruritus geassocieerd met allergische dermatitis
- symptomatische behandeling van atopische dermatitis bij honden.

Farmacodynamie

Oclacitinib, ilunocitinib en atinvicitinib zijn inhibitoren van de Januskinase-enzymen (JAK-enzymen), een groep enzymen betrokken bij de signaaloverdracht van cytokinen. 

Door JAK1 te remmen, onderbreken deze JAK-inhibitoren de signaalweg van meerdere cytokinen die een rol spelen bij jeuk, allergie en ontsteking (IL-31 en IL-2, IL-4, IL-6, IL-13) en leiden zo tot een afname van de ontsteking en jeuk. 

In tegenstelling met het JAK1-selectieve atinvicitinib zullen minder selectieve JAK-inhibitoren zoals oclacitinib en ilunocitinib, ook andere JAK-enzymen (JAK2, JAK3, TYK2) remmen. Dat kan extra bijwerkingen veroorzaken, bijvoorbeeld bijwerkingen in verband met de bloedaanmaak (JAK2) of de immuunafweer (JAK3 en tyrosine kinase 2 (TYK2)). Een hogere gevoeligheid voor infecties, een minder adequate immuunrespons na vaccinatie en het verergeren van neoplastische processen kunnen hiervan het gevolg zijn. 

Farmacokinetiek

Na orale toediening volgt een snelle absorptie (tmax ≈ 1h). De biologische beschikbaarheid is 89% voor oclacitinib, 80% voor ilunocitinib en 65% voor atinvicitinib. De biologische beschikbaarheid van oclacitinib en ilunocitinib wordt niet beïnvloed door de voeding; maar is voor atinvicitinib  hoger bij gevoede honden. 

Het verdelingsvolume bedraagt voor oclacitinib 0,942 l/kg, voor ilunocitinib 1,58 l/kg en voor atinvicitinib 1,651 l/kg, de plasma eiwitbinding voor oclacitinib is < 70%, voor atinvicitinib 82,3%. Oclacitinib en atinvicitinib worden vooral in de vorm van metabolieten uitgescheiden. De invloed van oclacitinib op het cyt P450 is erg laag. Bio-accumulatie werd niet vastgesteld voor oclacitinib of ilunocitinib. In een studie met 5-voudige dosis die 6 maanden duurde, werd bij sommige individuele honden lichte accumulatie van atinvicitinib vastgesteld.

Contra-indicatie

Oclacitinib niet gebruiken indien er aanwijzingen zijn voor immuunsuppressie (bv. hyperadrenocorticisme) of voor progressieve maligne neoplasie. 
De bijsluiters/SKP’s van de producten op basis van atinvicitinib en ilunocitinib vermelden immunosuppressie niet als een contra-indicatie maar de behandeling kan opgestart worden op basis van een risico/baten analyse.

Bijwerkingen

-Oclacitinib beïnvloedt het immuunsysteem en kan zo de gevoeligheid voor infecties verhogen en neoplastische condities verergeren.

Zeer vaak: pyodermie, huidbult, papilloom (>1 dier/10 behandelde dieren).

Vaak: lethargie, lipoom, polydipsie, toegenomen eetlust, misselijkheid, braken, diarree, anorexie, histiocytoom, cutane schimmelinfecties, pododermatitis, otitis, lymfadenopathie, cystitis, agressie (1 tot 10 dieren/100 behandelde dieren).

Zeer zelden: anemie, lymfoom, convulsie (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen).

- Ilunocitinib: braken, diarree en lethargie komen vaak voor (1 à 10/100 behandelde dieren), papilomen en interdigitale cystes worden soms gemeld (1 à 10/1000 behandelde dieren).

-Atinvicitinib
Vaak:  braken, diarree, lethargie en anorexie  (1 à 10/100 behandelde dieren).

Interacties

Er werden geen interacties waargenomen na gelijktijdige toediening van oclacitinib, ilunocitinib of atinvicitinib met antiparasitica, antibiotica of ontstekingsremmers. 

Atinvicitinib zou als selectieve JAK-inhibitor geen invloed hebben op de immuunrespons na vaccinatie. Jonge honden behandeld met ilunocitinib konden een adequate immuunrespons opbouwen na vaccinatie.

Niet-selectieve JAK-inhibitoren zoals oclacitinib verzwakken de immuunrespons na vaccinatie. In hoeverre dit voor oclacitinib klinisch relevant is, is niet bekend.

Voorzorgen voor gebruik

Naargelang hun selectiviteit moduleren JAK-inhibitoren in meer of mindere mate het immuunsysteem. 

  • Tijdens de behandeling de hond regelmatig controleren op infecties of neoplasiëen. Onderliggende oorzaken van pruritis dienen nagegaan te worden en eventueel behandeld. Ook complicerende bacteriële, schimmel- of parasitaire infecties moeten worden behandeld.
  • Een adequate immunologische respons na vaccinatie van dieren die behandeld worden met oclacitinib kan niet verzekerd worden. Honden behandeld met atinvicitinib of met ilunocitinib vertoonden een adequate immuunrespons na vaccinatie (vaccins tegen CAV, CPV, CDV en rabiës).
Voortplanting & lactatie

Al deze JAK-inihibitoren zijn afgeraden tijdens dracht, lactatie en bij honden bestemd voor de fokkerij.

Diergeneesmiddelen

In dezelfde Farmacotherapeutische groep