Propofol is een fenolderivaat dat enkel intraveneus gebruikt kan worden als een snelwerkend anestheticum met een korte werkingsduur. Het wordt aangewend als inductiemiddel voor een inhalatieanesthesie of bij korte of middellange ingrepen (5 tot 30 min. door stapsgewijs bijdoseren).
Het exacte werkingsmechanisme is nog niet opgehelderd. Propofol heeft een invloed op de inhibitorische gamma-aminoboterzuur neurotransmitter en doet de metabole activiteit van de hersenen dalen. Een lage dosering induceert een sedatief effect. Bij de meeste huisdieren induceert een iv bolus een snelle en korte anesthesie met een aanvaardbare spierrelaxatie, doch een matige analgesie. Voor chirurgische ingrepen zijn bijkomend analgetica vereist. Pijnreacties tijdens de iv toediening zijn mogelijk doch het product is weinig tot niet irriterend voor de weefsels. De posologie hangt af van de aangewende premedicatie (lagere dosering bij alfa-2-agonisten).
Propofol is een sterk vetoplosbaar anestheticum waarbij een snelle opname door de weefsels (o.m. hersenen) gebeurt. De korte actieduur en het volledig ontwaken bij de meeste diersoorten zijn te wijten aan de snelle herdistributie vanuit de hersenen naar de perifere weefsels en aan de efficiënte eliminatie uit het plasma. De metabolisatie gebeurt in de lever doch tevens in de longen en de nieren (extrahepatisch). De excretie gebeurt primair door de nieren. Er is geen tot weinig afhankelijkheid noch van de lever, noch van de nieractiviteit. Propofol kan daarom met goed gevolg aangewend worden bij deze afwijkingen. Cumulatief effect bij opeenvolgende toedieningen is mogelijk. Bij de meeste diersoorten veroorzaakt propofol een snelle (binnen 30 – 60 sec.) en korte (10 min.) anesthesie met een goede spierrelaxatie doch weinig analgesie. Bij de hond wordt een groot deel van propofol gehydroxyleerd door cytochroom P450, om vervolgens geglucuronideerd te worden. Bij de kat is het glucuronidatiemetabolisme minder uitgesproken en trager (minder cytochroom P450) zodat een langere eliminatietijd optreedt met trager ontwaken en eerder cumulatief bij continue toediening. Hetzelfde mechanisme wordt verondersteld verantwoordelijk te zijn voor de vertraagde recovery na toediening van propofol bij windhonden. De metabolisatie bij andere diersoorten is minder goed gekend. Gezien het bestaan van andere metabolisatiewegen, zoals de longen, is het gebruik van propofol verantwoord bij patiënten met nier- en/of leverinsufficiëntie.
Dit middel mag niet worden gebruikt voor het inleiden en onderhouden van algemene anesthesie met stapsgewijs toenemende doses waarbij de totale uiteindelijke dosis hoger is dan de dosislimiet van 24 mg/kg (2,4 ml/kg) propofol per anesthesie, vanwege de kans op toxische effecten veroorzaakt door het conserveermiddel benzylalcohol. Hypoproteïnemie, hypovolemie zijn contra-indicaties. Patiënten in shock of traumapatiënten zijn gevoeliger voor de bijwerkingen.
- Bij inductie: hypotensie en respiratoire depressie met apneu (vooral bij hogere dosis, snelle intraveneuze injectie), exitatie (beweging ledematen, myoclonus, nystagmus, opistotonus).
- Bij recovery: braken, niezen, exitatie.
- Bij herhaalde anesthesie of langdurige toediening: verhoogde oxidatieve stress met vorming van Heinz bodies bij katten met anorexie, diarree, mild faciaal oedeem.
- Verlengde recovery mogelijk bij Greyhounds en katten
Propofol kan gebruikt worden samen met andere agentia die inwerken op het zenuwstelsel, zoals die gebruikt voor premedicatie, inhalatie-anesthetica en spierrelaxantia. De dosis propofol die nodig is om anesthesie te induceren zal dan naargelang de premedicatie en diersoort verlaagd moeten worden.
Simultaan gebruik van propofol:
- met acepromazine kan leiden tot een negatief inotrope effect en vasodilatatie die vooral bij trauma of shock klinisch relevant kunnen zijn.
- met opioïden kan leiden tot ademhalingsdepressie en daling van de hartfrequentie en een verlengde recovery.
- met alfa-2-adrenerge stoffen kan hypoxemie ontstaan.
- met benzodiazepines versterkt de hypnotische werking en respiratoire bijwerking van propofol. Bij honden kan hypothermie ontstaan.
- met ketamine leidt bij katten vaker tot apneu. Een langzame propofol-toediening kan het risico op apneu verminderen.
Geneesmiddelen met invloed op cytochroom P450 (bijv. chlooramfenicol, cimetidine) of lipofiele stoffen (bijv. fentanyl, halothaan) leiden tot een langere recovery.
Contoleer het product visueel: indien deeltjes of verkleuring zichtbaar zijn, mag het niet meer gebruikt worden.
Propofol passeert de placentabarrière. Door de aanwezigheid van een aanvaardbaar conjugatie enzymsysteem, treedt een eerder minimale depressie van de neonati op. Gegevens over het gebruik bij lacterende honden en katten zijn niet gekend.