Farmacotherapeutische info

Pyrethrinoïden

UPDATED
datum meest recente update: 03-09-2024
Groep
Antiparasitica lokaal op de huid
Indicatie
vlooien
teken
schurftmijten en luizen
vliegen
muggen
Actief bestanddeel
permethrine
flumethrine
deltamethrine
Indicatie

Afhankelijk van de actieve bestanddelen en de farmacologische vorm worden pyrethrinoïden gebruikt tegen Culicoïdes spp. bij paarden voor het onder controle houden van zomereczeem, tegen diptera, mijten, luizen bij runderen en schapen en tegen vlooien, teken en flebotomen bij honden.
Overzichtstabel antiparasitaire middelen voor gebruik op de huid

Voor sommige diergeneesmiddelen vermeldt de rubriek ‘Indicatie’ ook de reductie op het infectierisico van bepaalde parasitaire infecties die door vlooien, teken of muggen worden overgedragen (bijvoorbeeld Babesia canis canis, Ehrlichia canis, Leishmania infantum). Deze reductie ontstaat door het doden van de tussengastheer van de parasiet, zonder dat deze actieve bestanddelen de overgedragen parasieten zelf doodt. 

Farmacodynamie

Pyrethrinoïden zijn synthetische verbindingen. Hun structuur is afgeleid van natuurlijke pyrethrines die voorkomen in chrysantachtigen. Pyrethrinoïden zijn krachtiger en worden minder vlug gedegradeerd door licht en warmte en hebben dus een betere residuele activiteit. Hun neurotroop effect wordt gekenmerkt door depolarisatie van de zenuwcentra ten gevolge van hun invloed op de natriumkanalen, de GABA- en glutamaatreceptoren. Dit leidt tot een ‘knock down’ effect, dat dikwijls plaatsvindt voor de parasiet zich heeft kunnen voeden.

Farmacokinetiek

Op de huid aangebrachte pyrethrinoïden worden door warmbloedigen nauwelijks geresorbeerd. Ze verdelen zich vlug over het lichaamsoppervlak. Bij (accidentele) orale opname gebeurt hun metabolisatie heel snel door esterasen die bij zoogdieren zeer actief zijn. Na conjugatie worden ze via de urine uitgescheiden.

Contra-indicatie

Niet gebruiken bij jonge honden (zie bijsluiter). Niet toedienen aan katten, die wegens hun geringere esterasecapaciteit bijzonder gevoelig zijn (vooral kittens jonger dan 6 weken). (Zie Pyrethrinoïden kunnen dodelijk zijn voor katten). Niet toedienen aan paarden met leverziekte.

Bijwerkingen

Pyrethrinoïden zijn bekend voor hun lage toxiciteit. Hypersalivatie, braken, ataxie, diarree, hyper- of hypothermie, symptomen ter hoogte van de huid, zoals erytheem ter hoogte van de toedieningsplaats, worden bij intoxicatie het meest opgemerkt. Hypersensibiliteitsreacties zijn niet uit te sluiten. Fasciculaties van de spieren en convulsies kunnen optreden. De dood treedt op als een gevolg van de respiratoire problemen. Intoxicatie wordt meestal gezien na een accidentele inname of na een overdosering. Bij intoxicatie beoogt men enerzijds de eliminatie van het product uit het dier (het dier wassen, emetica, actieve kool, enz.) en anderzijds wordt er een symptomatische behandeling gestart. Paarden met een dunne huid (Arabisch ras) kunnen na toediening van het diergeneesmiddel huidirritates vertonen daarom wordt aangeraden om het diergeneesmiddel uit te testen op een kleiner oppervlak aan de basis van de nek.

Interacties

Hun activiteit kan worden versterkt door piperonylbutoxide dat een inhibitie van het microsomiaal metabolisme van het insect veroorzaakt. Bij het paard kan permethrine aanleiding geven tot een verlenging van de barbituraatwerking. De werking van pyrethrinoïden kan in combinatie met organofosfaten worden gepotentialiseerd. Hun gebruik met phenothiazines wordt ontraden wegens een verhoogd risico op epileptische aanvallen.

Voorzorgen voor gebruik

Katten zijn zeer gevoelig voor pyrethrinoïden en zouden zelfs bijwerkingen kunnen vertonen wanneer ze nauw contact hebben met pas behandelde honden. Vermijd dat jonge katjes behandelde dieren kunnen likken (zie ook Pyrethrinoïden kunnen dodelijk zijn voor katten). De bijsluiters dienen te worden geraadpleegd in verband met de doeldieren. Vissen en reptielen zijn heel gevoelig voor deze derivaten. Het gebruik van deze stoffen in de nabijheid van deze dieren dient dus met de nodige omzichtigheid te gebeuren. Bij paarden het gebied voor de oren of het zadelgebied niet behandelen. Laat niet toe dat de dieren kort na de behandeling zwemmen in natuurlijk water en verwijder voor het zwemmen steeds de halsband. Deze stoffen mogen gezien hun gevaar voor insecten en vogels niet in het milieu terecht komen. Gevallen van resistentie tegen bepaalde pyrethrinoïden zoals deltamethrine werden gemeld voor bepaalde parasieten.

Voortplanting & lactatie

Het gebruik bij dracht en lactatie wordt door de registratiehouders niet afgeraden.

Diergeneesmiddelen