Bepaalde imidazoles zijn bij de duif (carnidazole, ronidazole) en siervogels (ronidazole) geïndiceerd voor de behandeling van trichomonose (carnidazole, ronidazole) en andere flagellaten (ronidazole).
Nitroimidazoles bezitten zoals nitrofuranen een ringstructuur met een N-groep. Die wordt in de parasiet gereduceerd met vorming van vrije radicalen die de macromoleculen van de parasiet aantasten.
Na toediening via drinkwater wordt ronidazole snel en bijna volledig geabsorbeerd. Hoge plasmaspiegels worden bereikt binnen de 3 uur na de toediening. Er treedt een goede diffusie naar de weefsels op, met een geringe binding aan de weefseleiwitten. Ronidazole wordt traag geëlimineerd. Het geneesmiddel wordt in belangrijke mate gemetaboliseerd, door afbraak van de imidazoolring en vorming van hydroxylmetabolieten. Er zijn geen product-specifieke gegevens bekend voor carnidazole.
Geen bekend.
Ronidazole: milde gastro-intestinale bijwerkingen werden slechts bij 4 maal de normale dosis opgetekend. Na toediening van 32 maal de therapeutische dosis carnidazole werd geen sterfte vastgesteld. Enkele duiven braakten na de toediening van deze dosis.
Geen bekend.
Imidazoles zijn mutageen in bacteriën en carcinogeen bij muis en rat waardoor hun gebruik bij nutsdieren niet langer veroorloofd is.
De bijsluiter raadt het gebruik van carnidazole af tijdens het broeden. Volgens de bijsluiters van de diergeneesmiddelen met ronidazole is het gebruik veilig tijdens de kweekperiode.