Lufenuron voorkomt de vermeerdering van vlooien bij de kat en heeft als injecteerbare vorm een werkingsduur van 6 maanden. Er wordt aangeraden het dier een maand voor het vlooienseizoen te behandelen en de behandeling te herhalen volgens de gegevens uit de bijsluiter.
Lufenuron is een groei-inhibitor en veroorzaakt een inhibitie van de synthese van chitine, dat deel uitmaakt van het exoskelet. De volwassen vlooien worden niet gedood en de eiproductie van de vlo wordt niet beïnvloed, maar de ontwikkeling van de eieren wordt wel onderbroken door de lufenuron die door de vrouwelijke vlooien werd opgenomen tijdens een bloedmaaltijd. Lufenuron dat rijkelijk aanwezig is in de feces van de vlo wordt ook opgenomen door de larven, waardoor deze zich niet kunnen ontwikkelen tot volwassen vlooien.
Na sc injectie bij de kat worden werkzame plasmaspiegels bereikt na 21 dagen. De lage snelheid van eliminatie zorgt voor een effectieve concentratie van de actieve stof in de bloedcirculatie gedurende ten minste 6 maanden. Lufenuron wordt zonder metabolisatie via de gal weer uitgescheiden.
De injecteerbare vormen met lufenuron niet toedienen aan honden. De hulpstof polyvinylpyrrolidon is een substantie die bij honden een krachtige vrijgave van histamine veroorzaakt. Hierdoor kan een ernstige reactie optreden bij honden, deze reactie wordt niet bij katten waargenomen.
Lufenuron wordt goed verdragen, slechts in zeldzame gevallen kan lethargie optreden na de injectie. Na injectie kan een tijdelijke zwelling ter hoogte van de injectieplaats voorkomen.
Andere insecticiden (adulticiden) kunnen gelijktijdig met lufenuron worden toegediend.
Lufenuron kan bij drachtige of lacterende dieren worden gebruikt. Jongen worden via de melk van het behandelde moederdier beschermd.